Druk op enter om de resultaten te tonen of ESC om te annuleren.

Zondvloed

De zondvloed

Bij het onderwerp “zondvloed” is het van belang de Bijbel te lezen met het oog op de jaartallen.
De Bijbel is heel duidelijk in het geven van informatie over de tijden.
De zondvloed vond plaats in het jaar 1656 na Adam, het uit elkaar drijven van de continenten, vond plaats in het jaar 1756 (dus 100 jaar later.)
Abraham leefde omstreeks het jaar 2000 na Adam, Christus leefde omstreeks het jaar 4000 en wij leven omstreeks het jaar 6000 na Adam (ongeveer aan het einde van het zesde millennium. (6000)
De zondvloed vond ca. 4300 jaar geleden plaats.

Zie ook einde hoofdstuk 2; “bewijs geleverd”.

Beschrijving van het verloop van de zondvloed en daarna
.


Hoofdstuk 1:

Om mee te groeien in de visie van het verloop van de zondvloed, en de gevolgen daarvan voor de aarde, mensen, dieren en planten, is het nodig om mee te gaan in wat de Heer mij wilde vertellen, over jaartallen, en veranderingen van de aarde, voor, tijdens en na de zondvloed.

Het zal midden tachtiger jaren zijn geweest, dat ik door de Heer werd geleid, om de Bijbel te gaan lezen, met mijn aandacht gevestigd op de jaartallen.

Ik was toen al geruime tijd wedergeboren christen.

Ik was katholiek opgevoed, en was op 28 jarige leeftijd tot een persoonlijke keuze voor Jezus Christus gekomen in een kleine pinkstergemeente in den Haag. Ik werd ook daarna in deze gemeente als volwassene gedoopt. Niet lang daarna verhuisde ik naar Oldenzaal in het oosten van Nederland. In een gemeente te Almelo, waar ik toen naar toe ging, ontving ik de doop met de Heilige Geest.

Ik denk dat het belangrijk is, dat we alle drie de fasen meemaken, om zodoende een optimale communicatie te krijgen, met onze hemelse Vader en zijn zoon Jezus Christus, door de Heilige Geest. (zie Joh. 3:1-12) (2 Petrus 1 : 20 en 21).

Toen de Heer me dan ook zei, om vooral veel aandacht te geven, aan de jaartallen, wist ik dat dit een belangrijke boodschap was.

Ik begon vanzelfsprekend, bij het hoofdstuk Genesis.

Het boek Genesis begint zoals bekend met het scheppingsverhaal.
Daarna kwam de zonde van Adam en Eva, en vervolgens plantten de mensen zich voort, onder nieuwe omstandigheden.

Vele mensen, staan er niet bij stil, dat het boek Genesis, maar ook het boek Exodus, en de drie boeken daarna, geschreven zijn door Mozes.
We weten van Mozes, dat hij opgroeide aan het Egyptische hof, en dat hij de aangenomen zoon was van de dochter van Farao.

Het is ook bekend, dat de wetenschap in Egypte op een hoog pijl stond. Het was voor Mozes ook geen probleem om de eerste vijf boeken te schrijven, aangezien hij een geletterd man was.
Daarbij weten we, dat hij een intieme relatie had met de God van Abraham, Isaak en Jakob. God sprak met Mozes van hart tot hart.
Mozes was van een driftkop, na 40 jaar woestijnleven gevormd tot een zachtmoedig mens.
Hij was status en rijkdom kwijtgeraakt, en werd een dienstknecht van God.
Deze Mozes schreef in de tocht door de woestijn, o.a. het boek Genesis.

Genesis 5 : 1 e.v.

Het geslachtsregister van Adam.

Als we Genesis alleen lezen, met het vizier gericht op de jaartallen, dan vallen ons allerlei dingen op.
We beginnen te lezen bij Genesis 5 : 3-5

Toen Adam honderd dertig jaar geleefd had, verwekte hij [een] [zoon] naar zijn gelijkenis, als zijn beeld, en noemde hem Set.
En de dagen van Adam, nadat hij Set verwekt had, waren achthonderd jaar, en hij verwekte zonen en dochteren.
Zo waren al de dagen van Adam, die hij geleefd heeft, negenhonderd dertig jaar; en hij stierf.

We lezen hier, dat Adam negenhonderd en dertig jaar oud geworden is.
Dat is bijna 1000 jaar??!!!! Dat kan niet, zouden we zeggen.
Of we zeggen, dat in de tijd van Adam, de jaren anders werden geteld.

Alleen in hetzelfde boek Genesis staat in Genesis 6 : 3 “En de Here zeide: Mijn Geest zal niet altoos in de mens blijven, nu zij zich misgaan hebben; hij is vlees; zijn dagen zullen honderd twintig jaar zijn.

We gaan hier nu niet in op de reden, waarom de Heer besluit het leven van de mens maximaal 120 jaren te laten duren, maar duidelijk is, dat de leeftijd van de mens voordat de Heer deze beslissing nam, dus duidelijk langer was, en dat de leeftijd van de mens na deze uitspraak van de Heer, in snel tempo korter werd, met als uiteindelijk resultaat, dat de mens inderdaad niet veel ouder werd dan 120 jaar.

Deuteronomium 33 : 7, “Mozes was honderd twintig jaar oud, toen hij stierf; zijn oog was niet verduisterd en zijn kracht was niet geweken”.

In een vitamine boek, lees ik onder het onderwerp “Veroudering”: “veroudering is onvermijdelijk, maar kan worden vertraagd door goede voeding”. De gemiddelde levensverwachting voor iemand van veertig jaar is, dat hij nog eens veertig jaar zal leven. Gerontologen zijn echter vrijwel unaniem van mening dat een mens met optimale voeding in gezonde levensomstandigheden 110 tot 120 jaar moet worden”.

Dezelfde Mozes, die Genesis geschreven heeft onder leiding van Gods Geest, schrijft dat Adam negenhonderd dertig jaar oud werd, maar die ook schrijft over Gods besluit, om de maximale leeftijd van de mens terug te brengen naar een leeftijd van 120 jaar

We mogen dus aannemen, dat als Mozes in Genesis 5 : 5 schrijft, dat Adam 930 geworden is, Adam inderdaad 930 jaar is geworden.

We volgen nu verder de verschillende jaartallen, zoals die in de Bijbel, in het boek Genesis genoemd worden, te beginnen bij Adam, en daarna.

 

geboren leeftijd gestorven naam tekst
0       (130) 930 930 Adam Gen. 5:3-5
130   (105) 912 1042 Set Gen. 5:6-8
235   ( 90) 905 1140 Enos Gen. 5:9-11
325   ( 70) 910 1235 Kenan Gen. 5:12-14
395   (65) 895 1290 Mahalalel Gen. 5:15-17

 

geboren leeftijd gestorven naam tekst
460   ( 162) 962 1422 Jered Gen.5:18-20
622     ( 65) 365 ^987 (opn.) Henoch Gen. 5:21-24
687   (187) 960 1647 Metusalech Gen. 5:25-27
874   (182) 770 1644 Lamech Gen. 5:28-31
In het jaar    930 stierf ADAM
1056 (500) 950 2006 Noach Gen.5:32+Gen.9:28
1556/1558 600 2156/2158 Sem Gen.5:32+Gen.11:10

 

—————————–1656——————de ZONDVLOED———————

We zien hier, dat zowel Metusalech, als ook Lamech, resp. 9 en 12 jaar voor de zondvloed gestorven zijn.

We zien hier verder, dat de vader van Noach, te weten Lamech, Adam nog  heeft gekend. Dat betekent zeker in die tijd, waar verhalen vanuit het verleden van vader op zoon werden door verteld, dat Adam het scheppingsverhaal, de zondeval en de kennis van hem over God, zeker doorverteld heeft aan o.a. Lamech, die het op zijn beurt weer door vertelde aan Noach.

In het jaar 1656, toen Noach 600 jaar oud was, en zijn zonen Sem, Cham en Jafet dus 100  jaar oud waren, begon de zondvloed. (Gen. 7 : 6)

Opmerking; voor Sem worden twee jaartallen genoemd wanneer hij geboren wordt, de een spreekt over 1556 als geboortedatum, Gen. 5 : 32 (100 jr. voor de zondvloed) en de ander over 1558 in Gen. 11 : 10-11. (Toen Sem honderd jaar oud was, verwekte hij Arpaksad, twee jaar na (het begin van) de Zondvloed. Dus 2 + 1656 = 1658 en 1658 minus 100 is 1558 als geboortedatum van Sem.)

Genesis 7 : 11 de zondvloed.

11 In Noachs zeshonderdste levensjaar, in de tweede maand, op de zeventiende dag der maand, op die dag braken alle kolken der grote waterdiepten open en werden de sluizen des hemels geopend.
12 En de slagregen was veertig dagen en veertig nachten over de aarde.

Dus in het jaar 1656, in de tweede maand, op de zeventiende dag van die maand, begon de zondvloed.

Genesis 7 : 4 want over nog 7 dagen zal Ik het op de aarde 40 dagen en veertig nachten doen regenen, …

17 En de vloed was veertig dagen over de aarde en de wateren wiesen en hieven de ark op, zodat zij oprees boven de aarde.
18 Toen de wateren zeer toenamen en sterk wiesen boven de aarde, dreef de ark op de wateren.

 

jaar Datum/duur gebeurtenis vers
1656 2de mnd. 17de dag Vloed +slagregen, 40dgn, 40 na. Gen. 7: 11,12
1656 40dgn,40 na. Water steeg, ark dreef. Gen. 7:17,18.

 

jaar Datum/duur gebeurtenis vers
1656 15 el water 15 el boven hoogste berg Gen. 7:19,20
1656 150 dagen Water overhand 150 dagen Gen, 7:24
1656 God deed een wind over de aarde strijken, zodat de wateren daalden. Gen. 8:1b
1656 150 dagen Aldus namen de wateren af Gen. 8:3b

 

 

19 En de wateren namen geweldig sterk toe over de aarde, en alle hoge bergen onder de ganse hemel werden overdekt. 20 Vijftien el daarboven stegen de wateren, en de bergen werden overdekt.

Ook hierbij kunnen sommige mensen zeggen, dat slechts een gedeelte van de aarde bedekt was met water. Doch in Genesis wordt duidelijk beschreven door Mozes, dat alle hoge bergen, en dus ook de dalen, onder de ganse hemel, werden bedekt.
Duidelijker kan het niet. Alles werd met een enorme hoeveelheid water bedekt, zelfs zo, dat de hoogste berg nog vijftien el, is ca. 7,5 meter onder water stond.

(Voor een el worden drie maten genoemd: 45 cm, 49,5 cm en 55 cm)

En verder: (Gen. 7 : 21 -23) En al wat leeft, dat zich op de aarde roert, het

gevogelte, het vee en het wild gedierte en alle wemelend gedierte, dat op de aarde wemelt, benevens alle mensen, kwamen om. Alles, in welks neus de adem van de levensgeest was, alles wat op het droge was, stierf.  Zo verdelgde Hij (God) alles wat bestond, wat op de aardbodem was, mensen zowel als vee en kruipend gedierte en het gevogelte des hemels, zodat zij verdelgd werden van de aarde; Noach alleen bleef over en wat met hem in de ark was.

Ook hier wordt duidelijk gesproken over het omkomen van het gevogelte, de wilde dieren en alle wemelende dieren en alle mensen. Verder wordt nogmaals benadrukt, dat alles, in welk neus de adem van de levensgeest (o.a. zoogdieren en mensen) alles wat op het droge was, stierf. Geen leven op aarde ontkwam aan de zondvloed, die de ganse aarde (het droge) bedekte.

De vloed begon in het jaar 1656, in de tweede maand, op de zeventiende van die maand. Vervolgens was er de vloed, gedurende veertig dagen, en bleef het water staan gedurende honderd vijftig dagen.  (Zie schets 1)

 

 

 

Uit de rest van de beschrijving van de zondvloed, valt af te lezen, dat de honderd vijftig dagen geteld werden vanaf het begin van de zondvloed.

dgn. 1656 – 2- 17 + 5 maanden is 1656-7-17 (150 dg’ is 5 maanden, als een maand 30 dagen heeft). 1656-7-17 + 5=1656-12-17

Genesis 8 : 1-3

Toen gedacht God; Noach en al het wild gedierte en al het vee, dat met hem in de ark was, en God deed een wind over de aarde strijken, zodat de wateren daalden.

De kolken der waterdiepte en de sluizen des hemels werden toegesloten en de regen uit de hemel hield op.

En de wateren vloeiden gestadig van de aarde weg. Aldus namen de wateren na verloop van honderd vijftig dagen af.

Genesis 8 : 4-5

En in de zevende maand, op de zeventiende dag der maand, bleef de ark vastzitten op het gebergte van Ararat.

  • Ik vraag mij af, of met zevende maand, bedoeld wordt, de zevende maand van het jaar 1656 of dat de zevende maand geteld wordt vanaf de tweede maand en zeventiende dag, en ook vraag ik mij af waarom begon de zondvloed op de 17de van de tweede maand? Ik denk dat bedoeld wordt de zevende maand van het jaar. Hoewel ik denk toch, dat bedoeld wordt de zevende maand van het begin van de zondvloed.

 

En de wateren namen tot de tiende maand gestadig af; in de tiende maand, op de eerste der maand, werden de toppen der bergen zichtbaar.

Genesis 8 : 6-7

Na verloop van veertig dagen opende Noach het venster, dat hij in de ark gemaakt had. (ook hier vraag ik me af, wanneer begonnen die veertig dagen; aan het begin van de 150 dagen of aan het einde?)
En hij liet een raaf uit, en deze vloog heen en weer, totdat de wateren van de aarde waren opgedroogd.

Genesis 8 : 8-9

Daarna liet hij een duif uit om te zien, of de wateren afgenomen waren van de aardbodem.

Doch de duif vond geen rustplaats voor het hol van haar voet en keerde tot hem in de ark terug, omdat op de gehele aarde water was, en hij stak zijn hand uit, greep haar en bracht haar tot zich in de ark.

Ook hier wordt ten overvloede nogmaals benadrukt, dat er op de gehele aarde water was.

Genesis 8 : 10-13a

Toen wachtte hij nog zeven dagen en hij liet de duif weer uit de ark;

Tegen de avond kwam de duif bij hem, en zie, een vers olijfblad was in haar snavel. Hieraan bemerkte Noach, dat de wateren afgenomen waren van de aarde.

Voorts wachtte hij nog zeven dagen en hij liet de duif uit, en zij keerde niet weer tot hem terug.

In het zeshonderd en eerste jaar, in de eerste [maand], op de eerste der maand, waren de wateren opgedroogd van de aarde;.

Het zeshonderd en eerste jaar, dat is dus in het jaar 1657.

Dus in het jaar 1657 in de eerste maand, op de eerste van de maand was al het water weg.

 ###

Hoofdstuk 1:

Om mee te groeien in de visie van het verloop van de zondvloed, en de gevolgen daarvan voor de aarde, mensen, dieren en planten, is het nodig om mee te gaan in wat de Heer mij wilde vertellen, over jaartallen, en veranderingen van de aarde, voor, tijdens en na de zondvloed.

Het zal midden tachtiger jaren zijn geweest, dat ik door de Heer werd geleid, om de bijbel te gaan lezen, met mijn aandacht gevestigd op de jaartallen.

Ik was toen al geruime tijd wedergeboren christen.

Ik was van huis uit katholiek, en ik was op 28 jarige leeftijd tot bekering gekomen in een kleine pinkstergemeente in den Haag. Ik werd ook daarna in deze gemeente als volwassene gedoopt. Niet lang daarna verhuisde ik naar Oldenzaal in het oosten van Nederland. In een gemeente te Almelo, waar ik toen naar toe ging, ontving ik de doop met de Heilige Geest.

Ik denk dat het belangrijk is, dat we alle drie de fasen meemaken, om zodoende een optimale communicatie te krijgen, met onze hemelse Vader en zijn zoon Jezus Christus, door de Heilige Geest. (zie Joh. 3:1-12)
De tekst, die dit het beste benadrukt, staat in 2 Petrus 1 : 20 en 21.
Toen de Heer me dan ook zei, om vooral veel aandacht te geven, aan de jaartallen, wist ik dat dit een belangrijke boodschap was.

Ik begon vanzelfsprekend, bij het hoofdstuk Genesis.
Het boek Genesis begint zoals bekend met het scheppingsverhaal.
Daarna kwam de zonde van Adam en Eva, en vervolgens plantte de mensen zich voort onder nieuwe omstandigheden.

Vele mensen, staan er niet bij stil, dat het boek Genesis, maar ook het boek Exodus, en de drie boeken daarna, geschreven zijn door Mozes.
We weten van Mozes, dat hij opgroeide aan het Egyptische hof, en dat hij de aangenomen zoon was van de dochter van Farao.

Het is ook bekend, dat de wetenschap in Egypte op een hoog pijl stond. Het was voor Mozes ook geen probleem om de eerste vijf boeken te schrijven, aangezien hij een geletterd man was.
Daarbij weten we, dat hij een intieme relatie had met de God van Abraham, Isaak en Jakob. God sprak met Mozes van hart tot hart.
Mozes was van een driftkop, na 40 jaar woestijnleven gevormd tot een zachtmoedig mens.
Hij was status en rijkdom kwijtgeraakt, en werd een dienstknecht van God.
Deze Mozes schreef in de tocht door de woestijn, o.a. het boek Genesis.

Als we Genesis alleen lezen, met het vizier gericht op de jaartallen, dan vallen ons allerlei dingen op.
We beginnen te lezen bij Genesis 5 : 3-5

Toen Adam honderd dertig jaar geleefd had, verwekte hij [een] [zoon] naar zijn gelijkenis, als zijn beeld, en noemde hem Set.
En de dagen van Adam, nadat hij Set verwekt had, waren achthonderd jaar, en hij verwekte zonen en dochteren.
Zo waren al de dagen van Adam, die hij geleefd heeft, negenhonderd dertig jaar; en hij stierf.

We lezen hier, dat Adam negenhonderd en dertig jaar oud geworden is.
Dat is bijna 1000 jaar??!!!! Dat kan niet, zouden we zeggen.
Of we zeggen, dat in de tijd van Adam, de jaren anders werden geteld.

Alleen in hetzelfde boek Genesis staat in Genesis 6 : 3 “En de Here zeide: Mijn Geest zal niet altoos in de mens blijven, nu zij zich misgaan hebben; hij is vlees; zijn dagen zullen honderd twintig jaar zijn.

We gaan hier nu niet in op de reden, waarom de Heer besluit het leven van de mens maximaal 120 jaren te laten duren, maar duidelijk is, dat de leeftijd van de mens voordat de Heer deze beslissing nam, dus duidelijk langer was, en dat de leeftijd van de mens na deze uitspraak van de Heer, in snel tempo korter werd, met als uiteindelijk resultaat, dat de mens inderdaad niet veel ouder werd dan 120 jaar.

Deuteronomium 33 : 7, “Mozes was honderd twintig jaar oud, toen hij stierf; zijn oog was niet verduisterd en zijn kracht was niet geweken”.

In een vitamine boek, lees ik onder het onderwerp “Veroudering”; “veroudering is onvermijdelijk, maar kan worden vertraagd door goede voeding”. De gemiddelde levensverwachting voor iemand van veertig jaar is, dat hij nog een veertig jaar zal leven. Gerontologen zijn echter vrijwel unaniem van mening dat een mens met optimale voeding in gezonde levensomstandigheden 110 tot 120 jaar moet worden”.

Dezelfde Mozes, die Genesis geschreven heeft onder leiding van Gods Geest, schrijft dat Adam negenhonderd dertig jaar oud werd, maar die ook schrijft over Gods besluit, om de maximale leeftijd van de mens terug te brengen naar een leeftijd van 120 jaar.

We mogen dus aannemen, dat als Mozes in Genesis 5 : 5 schrijft, dat Adam 930 jaar is  geworden, dat Adam inderdaad 930 jaar is geworden.

We volgen nu verder de verschillende jaartallen, zoals die in de Bijbel, in het boek Genesis genoemd worden, te beginnen bij Adam, en daarna.

Geboren             leeftijd          Gestorven               Naam.           Tekst.

0        (130)           930                930                         Adam                Gen. 5 : 3-5

130    (105)          912                  1042                        Set                     Gen. 5 : 6-8

235   (90)             905                 1140                        Enos                  Gen. 5 : 9-11

325    (70)            910                 1235                        Kenan               Gen. 5 : 12-14

395    (65)           895                  1290                         Mahalalel      Gen. 5 : 15-17

460    (162)         962                  1422                         Jered               Gen. 5 : 18-20

622    (65)          365               ^ 987  (opname)      Henoch            Gen. 5 : 21-24

687    (187)           960                 1647                          Metusalech   Gen. 5 : 25-27

874    (182)         770                 1644                          Lamech           Gen. 5 : 28-31

————————– in het jaar 930 stierf Adam ————————————-

1056   (500)       950               2006                          Noach       Gen. 5 : 32+ Gen. 9:28

1556/1558         600                2156/2158                 Sem             Gen. 5:32/Gen.11:10

——1656   —————–  de Zondvloed   ————————————————–

We zien hier, dat zowel Metusalech, als ook Lamech, resp. 9 en 12 jaar voor de zondvloed gestorven zijn.

We zien hier verder, dat de vader van Noach, te weten Lamech, Adam nog  heeft gekend. Dat betekent zeker in die tijd, waar verhalen vanuit het verleden van vader op zoon werden door verteld, dat Adam het scheppingsverhaal, de zondeval en de kennis van hem over God, zeker doorverteld heeft aan o.a. Lamech, die het op zijn beurt weer door vertelde aan Noach.

In het jaar 1656, toen Noach 600 jaar oud was, en zijn zonen Sem, Cham en Jafet dus 100  jaar oud waren, begon de zondvloed. (Gen. 7 : 6)

Opmerking; voor Sem worden twee jaartallen genoemd wanneer hij geboren wordt, de een spreekt over 1556 als geboortedatum, Gen. 5 : 32 (100 jr. voor de zondvloed) en de ander over 1558 in Gen. 11 : 10-11. (Toen Sem honderd jaar oud was, verwekte hij Arpaksad, twee jaar na (het begin van) de Zondvloed. Dus 2 + 1656 = 1658 en 1658 minus 100 is 1558 als geboortedatum van Sem.)

Genesis 7 : 11

11 In Noachs zeshonderdste levensjaar, in de tweede maand, op de zeventiende dag der maand, op die dag braken alle kolken der grote waterdiepten open en werden de sluizen des hemels geopend.
12 En de slagregen was veertig dagen en veertig nachten over de aarde.

Dus in het jaar 1656, in de tweede maand, op de zeventiende dag van die maand, begon de zondvloed.

Genesis 7 : 17

17 En de vloed was veertig dagen over de aarde en de wateren wiesen en hieven de ark op, zodat zij oprees boven de aarde.
18 Toen de wateren zeer toenamen en sterk wiesen boven de aarde, dreef de ark op de wateren.

19 En de wateren namen geweldig sterk toe over de aarde, en alle hoge bergen onder de ganse hemel werden overdekt. 20 Vijftien el daarboven stegen de wateren, en de bergen werden overdekt.

Ook hierbij kunnen sommige mensen zeggen, dat slechts een gedeelte van de aarde bedekt was met water. Doch in Genesis wordt duidelijk beschreven door Mozes, dat alle hoge bergen, en dus ook de dalen, onder de ganse hemel, werden bedekt.
Duidelijker kan het niet. Alles werd met een enorme hoeveelheid water bedekt, zelfs zo, dat de hoogste berg nog vijftien el, is ca. 7,5 meter onder water stond.

(Voor een el worden drie maten genoemd: 45 cm, 49,5 cm en 55 cm)

En verder: (Gen. 7 : 21 -23) En al wat leeft, dat zich op de aarde roert, het

gevogelte, het vee en het wild gedierte en alle wemelend gedierte, dat op de aarde wemelt, benevens alle mensen, kwamen om. Alles, in welks neus de adem van de levensgeest was, alles wat op het droge was, stierf.  Zo verdelgde Hij (God) alles wat bestond, wat op de aardbodem was, mensen zowel als vee en kruipend gedierte en het gevogelte des hemels, zodat zij verdelgd werden van de aarde; Noach alleen bleef over en wat met hem in de ark was.

Ook hier wordt duidelijk gesproken over het omkomen van het gevogelte, de wilde dieren en alle wemelende dieren en alle mensen. Verder wordt nogmaals benadrukt, dat alles, in welk neus de adem van de levensgeest (o.a. zoogdieren en mensen) alles wat op het droge was, stierf. Geen leven op aarde ontkwam aan de zondvloed, die de ganse aarde (het droge) bedekte.

De vloed begon in het jaar 1656, in de tweede maand, op de zeventiende van die maand. Vervolgens was er de vloed, gedurende veertig dagen, en bleef het water staan gedurende honderd vijftig dagen.  (Zie schets 1)

Uit de rest van de beschrijving van de zondvloed, valt af te lezen, dat de honderd vijftig dagen geteld werden vanaf het begin van de zondvloed.

  • Genesis 8 : 1-3

Toen gedacht God Noach en al het wild gedierte en al het vee, dat met hem in de ark was, en God deed een wind over de aarde strijken, zodat de wateren daalden.

De kolken der waterdiepte en de sluizen des hemels werden toegesloten en de regen uit de hemel hield op,

En de wateren vloeiden gestadig van de aarde weg. Aldus namen de wateren na verloop van honderd vijftig dagen af.

Genesis 8 : 4-5

En in de zevende maand, op de zeventiende dag der maand, bleef de ark vastzitten op het gebergte van Ararat.

En de wateren namen tot de tiende maand gestadig af; in de tiende maand, op de eerste der maand, werden de toppen der bergen zichtbaar.

Genesis 8 : 6-7

Na verloop van veertig dagen opende Noach het venster, dat hij in de ark gemaakt had,

En hij liet een raaf uit, en deze vloog heen en weer, totdat de wateren van de aarde waren opgedroogd.

Genesis 8 : 8-9

Daarna liet hij een duif uit om te zien, of de wateren afgenomen waren van de aardbodem.

Doch de duif vond geen rustplaats voor het hol van haar voet en keerde tot hem in de ark terug, omdat op de gehele aarde water was, en hij stak zijn hand uit, greep haar en bracht haar tot zich in de ark.

Ook hier wordt ten overvloede nogmaals benadrukt, dat er op de gehele aarde water was.

Genesis 8 : 10-13a

Toen wachtte hij nog zeven dagen en hij liet de duif weer uit de ark;

Tegen de avond kwam de duif bij hem, en zie, een vers olijfblad was in haar snavel. Hieraan bemerkte Noach, dat de wateren afgenomen waren van de aarde.

Voorts wachtte hij nog zeven dagen en hij liet de duif uit, en zij keerde niet weer tot hem terug.

In het zeshonderd en eerste jaar, in de eerste [maand], op de eerste der maand, waren de wateren opgedroogd van de aarde;.

Het zeshonderd en eerste jaar, dat is dus in het jaar 1657.

Dus in 1657 in de eerste maand, op de eerste van de maand was al het water weg.

Genesis 8 : 13b-14

Daarop verwijderde Noach het luik van de ark, en hij zag uit, en zie, de aardbodem droogde op.

In de tweede maand, op de zevenentwintigste dag der maand, was de aarde droog.

In de tweede maand, op de zevenentwintigste dag der maand, dat is dus in 1657 in de tweede maand, op de zevenentwintigste dag, was de aarde droog.

De zondvloed begon in 1656 op de tweede maand, op de zeventiende dag, en de aarde was weer droog, in 1657 op de tweede maand op de zevenentwintigste dag.

De gehele periode had dus één jaar en 10 dagen geduurd.