Druk op enter om de resultaten te tonen of ESC om te annuleren.

Genezing

ook  aan dit geschrift, wordt nog gewerkt

Inleiding.

Om de gaven van genezing te beschrijven, heb ik gekozen voor een uit de praktijk verkregen kennis hoe God werkt, door de Heilige Geest.

Na jaren gehoord te hebben over genezing, ondervond ik Gods onderwijs in de praktijk over bovennatuurlijke genezing.

Veel theoretische kennis over genezing, had ik in de voorafgaande periode al vergaard.

Toen ik tijdens een straat evangelisatie sprak over bovennatuurlijk genezen, vroeg een vrouw, die aandachtig naar deze boodschap had geluisterd; kan God werkelijk genezen?

Destijds kon ik de vraag niet goed beantwoorden, omdat ik bovennatuurlijke genezingen in de praktijk niet had meegemaakt.

Door een lange periode van Gods onderwijs in bovennatuurlijke genezing, zou ik deze vrouw nu beter hebben kunnen vertellen over hoe God ons kan genezen, naar geest, ziel en lichaam.

Ik heb ervoor gekozen om dit onderwerp te behandelen op de manier zoals ik het zelf ontvangen heb.
Het is een nauwkeurig verslag, (getuigenis) van Gods onderwijs over genezing.

Samenvatting, over hoe te bidden voor zieken, vindt u aan het einden van
hoofdstuk 3.

Hoofdstuk 1

Ik was in één grote crisis. Mijn huwelijk was na zeven en twintig en een half  jaar tot zijn einde gekomen. Daarna leefde ik in een roes. Ik had al die jaren mijn best gedaan om voor mijn vrouw en kinderen te zorgen.

Ik wist niet wat ik fout had gedaan, maar op 12 mei 1995 avonds, na een echtelijke ruzie, hadden mijn vrouw Femke en mijn jongste dochter Mies de echtelijke woning verlaten, en zijn daarna niet meer teruggekeerd. Ik moest alleen verder. Mijn andere drie kinderen, Edwin, Ada en Dean waren al eerder op zichzelf gaan wonen. In januari 1997 volgde de officiële scheiding.

Woensdag, donderdag en de vrijdag na Femke’s vertrek op 12 mei, had ik een zielse pijn die erger was dan een niersteenaanval die ik vroeger had gehad.

Het voelde alsof er messen in mij werden gestoken. Mijn zonen Edwin en Dean, waren deze dagen bij mij, en waren mij daarbij tot grote steun.

Zaterdag was ik alleen, en ’s avonds ervoer ik een soort wolkkolom die door mij heenging en in een oogwenk was alle pijn verdwenen, en is ook nooit meer teruggekomen. De week daarop was ik op een internationale beurs, de IFFA in Frankfurt in Duitsland, en kon daar gewoon mijn werk doen.

In de maanden daarna, leerde ik van dag tot dag te leven. Ik dreigde in te storten. Door mijn zeer drukke werkzaamheden als project manager bij een handelsfirma, waarbij ik totale productielijnen zowel ontwierp alsook uitvoerde met een waarde tussen de Hfl. 500.000 tot Hfl. 4.000.000. had ik weinig tijd gehad voor een sociaal opbouw van een vriendenkring. De meeste van mijn klanten en leveranciers waren wel vrienden, maar daar had ik op dat moment weinig aan. Mijn werk drukte me al langere tijd, en alles kwam al meer op mij neer.

Ik ging in die tijd naar een pinkstergemeente in Hengelo, waar ik mij heel erg thuis voelde. Ik leefde van zondag tot zondag. Ik had het gevoel, dat de preek van iedere zondag, vooral voor mij was, en iedere preek gaf me weer kracht om door te gaan.

Op een van deze zondagen, was er een gastspreker, de voorganger Tinga.

Nu is het in deze gemeente de gewoonte, dat profetieën worden opgenomen, en daarna is er een zuster, die deze profetieën uittikt.

Voorganger Tinga had na zijn preek een oproep gedaan, om voor allen die ziek waren, voor gebed naar voren te komen.

Ik was niet ziek, maar mijn zoon Dean zou voor de tweede keer geopereerd worden.

Bij de eerste operatie was zijn rechterbeen operatief gebroken en er was een soort cilinder buiten zijn been aangebracht, met pinnen in zijn been, om daarna met deze speciale spindel langzaam over meerdere weken tot drie en een halve centimeter te worden uitgedraaid, zodat zijn rechterbeen even lang zou worden als zijn linkerbeen. Het proces was niet helemaal vlekkeloos verlopen, zodat de twee botdelen scheef op elkaar gegroeid waren. Om dit te verhelpen, zou een tweede operatie nodig zijn. Hij zag daar erg tegen op. Toen de oproep kwam, dacht ik; ik ga naar voren om plaatsvervangend voor mijn zoon te laten bidden.

Er werd door de Hr. Tinga als volgt voor mij gebeden:
Gebed dd. 13 augustus 1995 voor de zoon van Tim door br. Tinga;

Dat we met deze broeder voor Uw troon mogen komen Heer, omdat hij gaat handelen in de naam van Jezus bij zijn zoon.

En dat U hem antwoord Heer, door Uw kracht te openbaren in zijn zwakte, Uw kracht openbaar zal worden, ook Heer dat zijn zoon genezing zal ontvangen.

Want door Zijn striemen, door Jezus striemen, is ook hij genezen.

En op deze afstand delen wij hem genezing mee.

Ik dank U wel Heer, dat Uw kracht neer daalt op deze broeder en dat U hem vult Heer, vol maakt met Uw Geest, zodat hij zonder vrees of angst de werke Gods doet.

En dat hij verblijd zal zijn op wat U laat zien of gaat doen, in Jezus naam.

Als gemeente willen wij ons samen verheugen in Uw almacht Heer, op U is onze blik.
Broer, ontvangt de kracht van God, ontvangt Gods kracht, nieuwe zalving van Gods Geest.

De Heer raakt u aan, Hij doorstroomt u nu, Hij doorstroomt u nu, totdat u helemaal vol zit.
Halleluja, wij prijzen u, wij prijzen u.Vader, dat Uw Heerlijkheid op hem rust, en dat de zalving van Gods Geest hem leidt om te doen wat U bedoelt. In Jezus naam.

  • Dit gebed werd dus 13 augustus 1995 uitgesproken, en de week daarop nadat het uitgetypt was, werd dit gebed, aan mij overhandigd.

Toen ik het thuis weer aan het lezen was, sprak God tot mij, en het werd mij bij het lezen van dit gebed duidelijk met een onomstotelijke zekerheid, dat ik de gave van genezing van God had ontvangen.

Mijn zoon was niet zodanig genezen dat zijn been nu wel goed was, maar op onverklaarbare wijze is het ook niet meer tot een operatie gekomen. Hij heeft nog wel last van zijn rug, tot nu toe.

Ik ervoer deze zekerheid van de gave van genezing echt als een gift van God, maar ik deed er de maanden daarna niets mee, en had daarbij toch die blijvende zekerheid, en veel vrede. Ik leefde ongemerkt in een soort verwachting. Hoe wist ik niet, en wanneer ook niet.

Door mijn scheiding in mei, was ook alle contact met de familie van Femke geheel verbroken. Ik had het gevoel alleen op de wereld te staan. Ik voelde wel sterk de aanwezigheid van de Heer.

Ik was dan ook geheel verrast toen ik eind november door mijn schoonzus Ester werd gebeld, de vrouw van de oudste broer van Femke. Ze was geheel in tranen en vroeg mij om vergiffenis. Ik wist niet waarvoor, en zei dat ik al lang goed vond dat zij contact met mij opnam. Ze zei, dat ze zulke lelijke dingen over mij gedacht had, en vroeg of ik haar wilde vergeven, wat ik dan ook onmiddellijk deed.

Ik wist al dat ze ernstig ziek was, en dat ze enkele maanden daarvoor haar man had verlaten.

Ik vroeg haar of ik haar mocht opzoeken in het ziekenhuis, maar ze zei dat ze dat niet wilde, omdat ze niemand meer wilde zien. Ik vroeg haar toen, of het goed was, dat ik haar een kaartje zou sturen, en ze stemde daarin toe.

Ik heb toen een briefkaart naar haar gestuurd, met de volgende tekst;

(Aangezien ik in die tijd eerst een tekst met de hand in het klad schreef, en daarna in het net, is deze tekst bewaard gebleven.)

Briefkaart;

Lieve Ester,

Dat Gods kracht en liefde in grote mate je zullen overspoelen, is mijn gebed tot de H. Geest in de naam van Jezus.

Je bent constant in mijn hart en ik zou je met alles wat ik heb, willen steunen met mijn persoonlijke liefde. (en met Gods zalving en genezing)

Ester, ik zou je zielsgraag bezoeken, maar ik begreep dat je dat niet wilt.

Mocht je er wel aan toe zijn, dat is één telefoontje genoeg.

Ik heb drie tel. nummers:

0543-151100

0543-820610 zaak rechtstreeks

06.52.937739  auto

Als je de tel. beantwoorder krijgt, hoef je alleen je naam te noemen.

Het woordgebruik of stijl van de tekst van deze briefkaart was geheel tegen mijn eigen karakter of stijl, en zo een tekst, had ik nog nooit geschreven. Dat ik deze kaart met zo’n tekst heb verstuurd mag al een wonder heten.

Niet lang daarna, belde ze op, en ik mocht komen. Ze vroeg ook of ik Indische gerechten voor haar wilde meenemen, o.a. kip besengeh.

In het ziekenhuis zocht ik haar op. Ze lag alléén in een kamer, zodat we ongestoord konden praten. We spraken ook over Femke en mij, en of Femke nog terug zou komen. Maar ook over haar eigen huwelijk. Ze had al eerder verteld, dat ze niet van haar man hield, en ook had ze al eerder verteld, dat ze dit al gezegd had voor haar huwelijk. Haar man Wim had toen gezegd, dat hij wel voor hen beide de liefde zou opbrengen, en ze zijn toen toch getrouwd. Ze had alleen nog nooit in haar huwelijk gezegd, dat ze van haar man hield.

Verder had ze ook verteld wat er haar in haar jonge leven was overkomen.

Toen ik weg wilde gaan, het bezoekuur was al lang verstreken, vroeg ze mij, of ik voor haar wilde bidden. Dat wilde ik heel graag. Aangezien ze kanker had, en deze niet meer te genezen was, kwam er in mijn gedachte om te bidden, dat ze gezond zou worden, en genezen zou worden van kanker. Ik deed mijn mond open, doch de woorden die ik sprak, gingen geheel buiten mij om.

De woorden die ik sprak waren ongeveer deze;

Dat Gods kracht en liefde je in grote mate zullen overspoelen en mogen doorstromen, dat bid ik in de naam van Jezus.

Op dat zelfde moment werd de ruimte gevuld met Gods zalving en liefde, en werd Ester op een zeer krachtige wijze aangeraakt, zodanig dat ik geen contact meer met haar had, en alleen maar zag, dat ze in Gods tegenwoordigheid verkeerde. Gods kracht en zalving waren heel sterk aanwezig, en ik wist niet wat ik met de situatie aan moest.

Ik heb toen alleen haar hand gepakt, maar dat merkte ze niet zover ik dat kon zien. Ik ben uiteindelijk stilletjes vertrokken.

Ik weet ook niet, hoe lang deze situatie heeft geduurd, alleen sprak ik anderhalve week later, Femke telefonisch, en zij vertelde, dat Ester weer thuis was bij haar man, om daar te sterven, en dat ze voor de eerst keer in haar leven, tegen haar man had gezegd, dat ze van hem hield.

Terugdenkend aan wat God gedaan had, begreep ik later, dat God haar had genezen in haar gevoelens, die door de gebeurtenis in haar jeugd, geblokkeerd waren. Doordat deze gevoelens genezen waren, kon ze van haar man houden.

Ze is in januari van het jaar daarop in alle rust gestorven, en is nu zeker bij de Heer.

Voor mij was dit de eerste keer dat God mij gebruikte, om onder zijn leiding een instrument te zijn en daarmee een deel van zijn lichaam, om te bidden, zodat er Gods genezing kon plaats vinden.